Archief | juni, 2010

Okki

15 jun

Plotseling hadden we een hamster. Mijn vriendin kreeg een hamster van een collega mee naar huis. De hamster kon niet goed met zijn vorige kooigenoot overweg, dus kreeg zij de probleemhamster, voordat hij zijn soortgenoot nog meer letsel zou toebrengen. Okki, noemde mijn vriendin hem liefdevol.
Nadat mijn hond ooit weg was gelopen om vervolgens nooit meer terug te keren, had ik mezelf voorgenomen nooit meer een huisdier te nemen. De Hamster was dus de zorg van mijn vriendin.

Eigenlijk was ze er al na een week op uitgekeken. Het arme beestje zat dagenlang in zijn kooi te bibberen van angst door alle veranderingen in zijn leven. Zodra je de kooi opende, rende hij in paniek vijftig keer rond om vervolgens in het uiterste hoekje binnen enkele minuten een dam te bouwen van zaagsel waar hij achter kon gaan zitten. Daarna zat hij meestal wat bokkig zijn tijd te doden in zijn huisje of in zijn bol met hamsterwol. Mijn vriendin had al een hamstersnoepstaaf gekocht en andere hamsterhebbedingetjes, maar het kon Okki niet bekoren. Zelfs een speciale op dierendag aangeschafte hamstertunnel (‘met spannend knisperend geluid’) bracht het beestje niet meer vreugde in zijn leven. Vanaf toen zat hij de hele dag in zijn tunnel te poepen. Eigenlijk vond ik er niet veel meer aan.

Een paar maanden gingen voorbij. Toen hij op een nacht vijf uur lang probeerde om schuimbekkend en tevergeefs tegen de plastic zijwand op te klimmen was het ons duidelijk:
Okki was niet gelukkig.

“Hij is zo ongelukkig. Misschien is het maar beter als hij niet al te lang meer leeft”, fluisterde mijn vriendin uit voorzorg dat Okki het niet zou horen. Stel je voor. Samen zaten we naar Okki te kijken, die inmiddels aan zijn vijfenvijftigste rondje door de kooi was begonnen. “Ik ga een grotere kooi kopen voor hem”, riep mijn vriendin plotseling.
Samen gingen we de volgende dag naar de huisdierendiscounter om een kooi te kopen. “Het moet wel een vrolijke kooi zijn”, zei ik, terwijl we naar stalen gevangenissen voor kleine knaagdieren stonden te kijken. Uiteindelijk vonden we een goede kooi voor Okki. De kleuren paars, wit en roze voerden de boventoon en de kooi bestond uit drie lagen, elk verbonden met een doorzichtige paarse tunnel en op de bovenste verdieping een iglo die als huisje dienst deed. Ook waren er maar liefst twee radjes beschikbaar voor Okki en twee voederbakjes. Het was een waar hamsterparadijs.
Ik rekende af, wat Okki ook meteen deels mijn huisdier maakte natuurlijk.

In de weken daarop zagen we Okki opfleuren. Nu houdt hij ons ’s nachts wakker, niet meer door paranoïde rondjes te rennen, maar door dolgelukkig in zijn radje te lopen. Als het beestje zou kunnen lachen, zou hij schaterlachend door het leven gaan, nu. We zien hem zijn snoepstaaf door zijn kooi slepen, van de onderste naar de bovenste verdieping, wat meestal een meerdaags project is. Echt heel intelligent is hij namelijk nog steeds niet. Zo nu en dan flikkert Okki namelijk nog wel eens van de bovenste verdieping naar de onderste. Dat is altijd lachen natuurlijk en vertederd kijken mijn vriendin en ik naar onze hamster.
Ons huisdier.

En als Okki ooit het leven laat, koop ik meteen een nieuwe.


Update: onze kat Sok heeft Okki inmiddels vermoord
. De hamster was ernstig gewond na een aanval op zijn kooi. Toch niet aangedurfd een nieuwe te kopen.

Crimefighter zkt stad (N-Br)

15 jun

Nu het voorjaar weer aanbreekt, betekent dat ook de komst van bijen en wespen. Ik heb al jaren een bijenfobie. De geelzwart-gestreepte criminelen laten me zweten als een bezetene wanneer ze bijvoorbeeld plotseling op mijn bierglas landen. Wanneer er een in huis zit, mijd ik de desbetreffende kamer totdat het beest de uitgang heeft gevonden of is overleden. Ik kan er niets aan doen.

Gisteren zat ik Batman Begins te kijken. In die film is te zien hoe Bruce Wayne zijn alter ego Batman wordt. Wat ik nooit eerder begreep was waarom de miljardair de gedaante van een vleermuis aannam om misdadigers te pakken. Toegegeven, een levensgrote vleermuis kan angstaanjagend zijn, zeker als je er helemaal door in elkaar geslagen wordt, maar waarom geen leeuw? Of een tijger? Of een reuzenspin? De reden voor een vleermuispak is dat Bruce Wayne ooit in een put viel, omringd door honderden vleermuizen. Op die manier bouwde hij zijn fobie voor vleermuizen op. ‘Vleermuizen maken me bang. Het wordt tijd dat mijn vijanden die angst met mij delen’, vertelt hij in de film tegen zijn butler Alfred. Kijk, dat is pas een reden.

Momenteel lijkt er geen kruid gewassen tegen de huidige misdaadgolf in Tilburg. Eindhoven op haar beurt staat ook weer lekker hoog in de lijst van meest criminele steden van Nederland. Politie en justitie weten niet wat ze moeten doen om de terreur te stoppen. Pomphouders blijven achter met een lege kassa, winkeliers met een trauma. Meer cameratoezicht wil niet helpen. Pepperspray is een idee natuurlijk. Toch loop ik al een tijdje rond met een ander idee.

Het is tijd voor een strijder tegen het kwaad. Een rolmodel en voorbeeld waar zowel kinderen als volwassenen tegenop kijken en die tegelijkertijd misdadigers angst inboezemt. Batman komt toch niet, die is al beschermheer van Gotham City, Spiderman heeft het te druk in New York en de Hulk heeft teveel issues met zichzelf. Tijd voor een nieuwe superheld dus. Ik bied me aan om met groot vertoon de misdaad te lijf gaat in Tilburg City en als het moet zelfs in Eindhoven. Ik ga criminelen de stuipen op het lijf  jagen met mijn eigen fobie als logo: de Bij.

Als Bijen-Man (of Bee-Man) sluip ik, gewapend met een gigantische angel en voelsprieten op mijn hoofd, over de daken van de donkerste hoekjes van Tilburg en Eindhoven, op zoek naar in het duister schuilende criminelen. Een luid gezoem als voorbode van mijn komst. Als signaal voor de lokale arm der wet gebruiken we het zoeklicht die op de Pathé bioscoop staat. ‘Bzz’ staat er dan op de wolken geschreven. Het zoeklicht reikt  ver de lucht in, dat is nodig, want Bee-Man is natuurlijk ook actief in Goirle en Berkel-Enschot. En dan maar hopend op The Joker; Een krankzinnige die moordt en raast, chaos wil en tegelijkertijd alles onder controle heeft. Zonder emotie en onvoorspelbaar wreed tegen andere zware criminelen. Die rechters en openbaar aanklagers laat kruipen en de hele stad in chaos brengt.

Hadden we hier ook maar zo’n schurk, verzucht ik dan na een tijdje als Bee-Man de stad te hebben beschermd. Nee, Tilburg moet het doen met een stelletje trieste inbrekers en tasjesdieven. Mensen die het nodig vinden om voor wat zakgeld hardwerkende winkeliers te overvallen. Crimineeltjes die met een auto bij een winkelpui naar binnen rijden om spijkerbroeken en Pokemonkaartjes te stelen.
Inbrekers hebben de winkel van mijn ouders ook wel eens bezocht. Omdat ze, onvoorbereid als ze waren, zich natuurlijk tering schrokken van het alarmsysteem, vluchtten ze meteen weg. Alles lieten ze staan, behalve de inhoud van het Kankerfondspotje. Het is toch wel triest met je gesteld als crimineel als je geld jat, wat bedoeld is om kanker te bestrijden.

Geen wonder dat Batman in Gotham blijft. Daar heb je The Joker tenminste. Bee-Man huilt. Wij moeten het hier doen met laffe, achterbakse, geld jattende criminelen die te lam zijn om zelf te werken. Waar zijn de echte criminelen? Zoals in The Dark Knight waar The Joker, in een uiting van wederzijdse onmisbaarheid, tegen Batman zegt: ‘You know, you and I could do this forever’.

Mazzelpik.

De knikkerzak van Jan-Peter

10 jun

Hij lijkt op een schooljongetje die in de hoek wordt gezet. Hij knippert even met zijn ogen en het lijkt het alsof hij weg wil duiken voor een door de lucht vliegende rotte tomaat, maar de tomaat blijkt een hersenspinsel te zijn, ontsproten aan het brein van de man die het CDA naar de slachtbank bracht.

Daar stond hij nog vorige week, de man van gereformeerde huize, in een shirt met de tekst Fuck Drugs en een blikje Grosch in zijn hand op de Dijk van Volendam, op het meest raadselachtige moment van deze verkiezingscampagne. Het was misschien een warme dag in de palinggemeente, maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat je als politicus je wanhoop zo moet laten blijken. Je zou denken dat de media-adviseur Michael Sijbom op staande voet ontslagen zou worden bij het CDA, na het plaatsen van de foto van Jan-Peter in zijn nieuwe T-shirt.

Daar staat hij dan op het podium, samen met zijn vrouw uiteraard, om toch nog even dat familiewaarden-gedachtegoed door de strot van de teleurgestelde zaal te proppen. Je kunt nog net zien dat hij boven zijn brilletje de tranen weet te bedwingen. Begrijpelijk als je zojuist twintig zetels hebt weggegeven en je voor de zaal staat die zonder jou die twintig zetels nog had gehad. De aanwezigheid van zijn vrouw, wiens gezicht ook boekdelen sprak, laat  alleen maar meer zien hoe diep JP gevallen is. Zijn media-adviseur had even moeten vertellen dat de aanwezigheid van de echtgenote op zo’n moment alleen werkt bij mediagenieke personen als president Obama of Sarkozy.

En ik denk even terug aan het verkiezingscircus van de afgelopen maanden. Misschien had JP de handdoek in de ring moeten gooien toen de tijd rijp was in plaats van een ik-wil-erbij-horen toneelstukje op te voeren. Het deed me denken aan een jongetje dat op de basisschool bij mij in de klas zat. Hij wilde overal bij horen, had geen moderne spelcomputer, maar zoveel knikkers dat hij iedereen aan het knikkeren kreeg. En iedereen speelde tegen hem. Niet om vrienden te worden, maar om knikkers te winnen. Altijd met een glimlach op zijn gezicht en huilen als bleek dat klasgenootjes alleen knikkers van hem wilden, niets meer. Janken, wanneer hij met een halflege knikkerzak alleen op het schoolplein achter bleef.
Die instelling, die glimlach, dat toneelstukje, kostte Jan Peter twintig zetels in een verkiezingsstrijd waar oneliners en soundbites de boventoon voerden. JP had helemaal geen zin in twitterdebatten of andere nieuwerwetsche fratsen. Gewoon lekker kleinschalig en lekker Hollands zaniken waardoor hij uiteindelijk, in het RTL-debat tegenover Marielle Tweebeke liet zijn dat hij er eigenlijk helemaal geen zin meer in had. Op dat moment verloor Balkenende de verkiezingen. Zijn lullige, op ander momenten misschien grappige, uitspraak naar Tweebeke had hem normaal gezien misschien winst opgeleverd.

Nu niet meer. Nederland wil geen premier die de Christelijke moraal, die irritante mannelijke, dominantie tentoonspreidt, die telefoongesprekjes voert met Jan Smit en met een blij hoofd in raceauto’s gaat zitten. De norm van Balkenende is voorgoed afgeschoten. Geen premier meer die als een schooljongetje bijna in zijn broek plast bij een fotomoment met de president van de Verenigde Staten.

Hij houdt nog een afscheidsspeech die medelijden weet opwekt. Weg is de CDA-droom. De enige hoop is een coalitie. En zo staat hij erbij op dat podium, naast zijn vrouw, zijn lippen stijf op elkaar. Als dat teleurgestelde schooljongetje met een halflege knikkerzak. De rest van de klas is ermee vandoor gegaan. Dag Jan-Peter, het ga je goed.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.